~:§:~
Uit de bijdrage over de betekenis van onze naam, bleek dat de oorspronkelijke vorm van onze achternaam de Picardische naam de le Roke is.
Daar het woordje roke in de naam de le Roke/van de roke verwijst naar een steengroeve of steenberg, hebben we geprobeerd na te gaan waar deze plaatsnaam roke zich bevond.
Deze plaats waarnaar onze verste voorouders zijn genoemd moet ook hun vestigingsplaats geweest zijn.
Aangezien de naam de le Roke een Picardische naam is, en geen Franse, moet die vóór 1350 ontstaan zijn in het Romaans taalgebied ergens tussen Picardië en Henegouwen.
De zoektocht naar de naam de le Roke bracht aan het licht dat er families de le Roke woonden in de steden Valenciennes en Doornik, en in de taalgrensdorpjes Ellezelles, Flobecq en Schorisse.
De familie van de roke had zich in de tweede helft van de 14de eeuw gevestigd in Berchem (Kluisbergen) en in Gent, allebei gelegen aan de Schelde.
Gezien de nabijheid van Berchem en Schorisse, Ellezelles en Flobecq, en het feit dat zowel Valenciennes, Doornik, Berchem en Gent aan de Schelde liggen, waren alle gevonden families de le Roke reële kandidaat-voorouders van de familie van de roke.
De speurtocht naar toponiemen roke in het Picardisch taalgebied leverde een veelheid van mogelijkheden op.
De ondergrond in de streek net bezuiden de taalgrens is bijzonder rijk aan exploiteerbare aders blauwe hardsteen, en er zijn dus rokes bij de vleet.
In het taalgrensdorpje Flobecq constateren we een heel andere situatie :
In 1275 werd een renteboek opgesteld in opdracht van Jan, de heer van de baronie Pamele-Oudenaarde, met daarin de opsomming van alle lenen die heer Jan bezat, de juiste ligging en grootte ervan, de namen van de leenhouders en de betaalde pachtsommen.
Deze befaamde Veil Rentier is wellicht het oudste renteboek van een Middeleeuwse adelijke
familie uit Vlaanderen dat de tand des tijds heeft kunnen weerstaan. Bovendien is het renteboek uitzonderlijk fraai geïllustreerd met een 150-tal schetsen en tekeningen. Het zijn meestal scènes uit het dagelijks leven van de landbouwer en de ambachtsman, en het boek verschaft ook op die manier zeer rijke informatie.
De "Veil Rentier" is opgesteld in de Picardische taal, hoewel studies hebben aangetoond dat de heer van Pamele Vlaamse scribenten zou hebben gehad.
In vele dorpen waar de scribenten van de heer van Pamele-Oudenaarde de leenhouders registreerden, en in het bijzonder te Flobecq, kan worden vastgesteld dat veel personen hun achternaam ontleenden aan het toponiem waar ze woonden.
Zo genereerden bij voorbeeld de aan de masure de le Roke grenzende plaatsen Baudrengien en Homeliwés de familienamen "de Baudrengien" en "de Homeliwés", en was er een Bauduin d'Ancre genoemd naar de rivier de Ancre die door Flobecq loopt.
Verder onderzoek leverde in 1148 de oudste vermelding op van de plaats waar deze masure de le Roke zich bevond.
We kunnen bovendien aantonen dat de families de le Roke uit Flobecq en Doornik één familie waren, en we vonden zwart op wit dat een Delerocque uit Doornik op het eind van de 14de eeuw in het Vlaamse landsgedeelte als Vander Roke werd geregistreerd.
We hebben in het zuidwesten van Flobecq, een taalgrensdorp gelegen in het Picardisch taalgebied, de plaats roke kunnen lokaliseren waar in het derde kwart van de 13de eeuw een familie de le Roke woonde in hun masure de le Roke, nabij het bos de le Roke. Hier bevindt zich dus ongetwijfeld de oorsprong van onze familienaam, en woonden onze verste voorouders!
Deze plaats is ook vandaag nog vrij makkelijk te vinden en te bereiken, zoals u in de bijdrage over het toponiem Roke kunt lezen.
klik hier om naar het begin van dit document te gaan