~:§:~
In de inleiding van zijn fac simili uitgave van de Veil Rentier van heer Jan van Pamele-Oudenaarde, verwijst Léo Verriest naar een ruiloperatie die in 1219 plaats vond tussen Arnulf van Oudenaarde en de abdij van Ename.
Arnulf van Oudenaarde ruilde de tienden te Kortemark, Handzame en Werken tegen een deel van het bos van La Hameide, 50 hectare van het "bos de la Roque" en 75 hectare aanpalende grond in Flobecq, een stuk land van 6 bunder te Augomont, een onbewerkt stuk grond te Respensard en goederen te Everbecq en Askins.
In 1275 wordt in de Veil Rentier dit zelfde bos de le Roke in Florbiert vermeld, evenals de masure de le Roke en de broers Wicars en Jehans, zonen van Colart de le Roke die er wonen.
Gilles li Bouteilliers hield 2 bunder land in leen, gelegen aan de weg "dou Savlon" en het leen van Bauduin d'Ancre, aan de "Mauvais Bas", langs waar men omhoog kon gaan "à le Roke".
In 1283 schonken heer Jan van Pamele-Oudenaarde en zijn vrouw Mahaut de Rosoit -voor hun zieleheil- de gronden en de masure naast het bos de le Roke in Flobecq aan de kloosterorde der Willemieten.
In zijn "Toponymie de Flobecq ..." geeft Abbé A. Mariaule een vermelding van het toponiem "a le Roke" in 1373, vermoedelijk gevonden in de "comptes de la recette générale de l'ancien comté de Hainaut".
In 1410 werden in het cartularium van het feodaal hof van Henegouwen, de lenen opgesomd die van de graaf van Henegouwen in leen werden gehouden in de kasselrij van "Flobiecque", in totaal meer dan 250 hectare, verspreid over de gemeenten Flobecq, Wodecq, Ghoy, Ogy, Ellezelles en Lessines.
Ridder Rasse de le Prée werd er vermeld als leenhouder van 6 dagwand bos, gelegen "où on dit à le Roke", van het leen genaamd "Carlut" in de parochie van "Flobiecque" en nogmaals van 10 dagwand bos op de plaats die men "à le Roke" heet.
In 1437 werd het "registre des rentes dues à la Duchesse de Bavière, douairriere de Hainaut, Hollande et Zélande en sa terre de Flobecq et Lessines" opgesteld.
Het bos de le Rocke wordt er verschillende malen in vermeld, net als in het hernieuwde register uit 1444.
In zijn artikel over "De Opbrakelse en Vloesbergse bossen ..." deelt S. De Lange ons mee dat de noordoostelijke bossen van de Pottelberg, namelijk het Brakelbos en het aangrenzende Bernaertsbos, in de volle Middeleeuwen in het bezit gekomen zijn van de heren van Opbrakel.
Het overige en grootste deel van de bossen (waarnaar in diverse documenten onder verschillende benamingen wordt verwezen, zoals bij voorbeeld "bois de Portebecq" in 1281, ..., "bos de Portreberghe, Bos Saint Pière, de le Louvière et de le Rocque" in 1447) werden eigendom van de heren van Flobecq.
Abbé Mariaule stipt vermeldingen aan van het "Camp de le Roke" en "la Rocke vers les Willemins" in 1454.
Hij vond nog een vermelding van het "Bois de le Rocque" in 1479.
In 1807 stelde landmeter F. Dubuat voor het algemeen kadaster een plan op van de gemeente Flobecq.
Het "bois du Roc" werd opgemeten.
In 1842 stelde C. Popp een "plan parcellaire de Flobecq" op.
Het perceel in section F nr 510 h werd aangeduid als "bois du Roch".
Dit bois du Roch was 4 ha 92 a en 30 ca groot en was eigendom van het echtpaar Léon Delcroix-Tredex, landbouwers wonende te Ellezelles.
Op de virtuele cartotheek van de Waalse gemeenschap vonden we de nauwkeurige situering van dit "bois du Roch" op de Popp-kaart van Flobecq a° 1842.
![]() |
![]() |
Tussen 1865 en 1880 werden door de afdeling dépôt de la guerre van het Belgisch leger de zogeheten NGI-kaarten opgesteld.
Tussen 1872 en 1881 werden van deze kaarten zinkografische afdrukken gemaakt.
Op de NGI-kaart van Flobecq uit 1872 vinden we opnieuw het bois du Roch.
![]() |
![]() |
In 1948 schreef abbé Mariaule zijn artikel over de "Toponymie de Flobecq ...".
Hij deelt ons mee dat dit bos de le Roke zich toen uitstrekte over de heide te Flobecq en Ellezelles.
Bepaalde delen van dit bos, gelegen te Flobecq, werden toen aangeduid als "bois Cambier" en "bois du médecin" (André uit Ellezelles).
Toen spoorlijn 87 Ronse-Lessines, die Flobecq van west naar oost doorkruiste, werd opgedoekt, werd de vroegere spoorbedding omgevormd tot "le sentier touristique des collines", "het toeristisch voetpad der heuvels".
Het gedeelte van dit toeristisch wandelpad tussen de straten Boudenghien en Planque brengt u voorbij het -vroeger ongetwijfeld veel grotere- bos de le Roke.
![]() |
![]() |
De foto links toont ons het toeristisch pad der heuvels, langs de zijde van Boudenghien, met op de achtergrond het bos de le Roke.
Op de rechtse foto ziet u het bos de le Roke.
Op een 21ste eeuwse kaart zou de roke zich bevinden in het zuidwesten van Flobecq, hier aangeduid met een blauwe stip, net naast het toponiem Bruyère.
De groene zones net boven de blauwe stip duiden de overgebleven percelen bos aan van het bos de le Roke.
![]() |
klik hier om naar het begin van dit document te gaan