~:§:~
In een acte uit 1195 betwistte Gerard de la Hamaide dat deze drie mansi eigendom waren van de abdij van Ename.
![]() |
Een mansus is een hoeve met aanpalende gronden, groot genoeg om in het onderhoud van een familie te voorzien.
De term in het Picardisch is een masure.
Esquenne is een toponiem dat nu nog steeds bestaat als straatnaam in het noordoosten van Flobecq.
Abt A. Mariaule vermeldt in zijn "Toponymie de la Commune de Flobecq ..." als vroegste vondsten van deze plaats : Askins in een charter van de abdij van Ename in 1179, hij vond ergens As Kaines in 1302 en 1444, Les Quesnes in 1403 en Askainez in 1437.
De naam van dit gehucht van Flobecq betekent : de plaats waar er eiken groeien, in het Frans "chênes", in het plaatselijk dialect "kaines".
De plaatsnaam Akardsmeis betekent zoveel als de masure, de woonplaats van Akard, we konden er nog geen specifieke informatie over vinden.
In een andere acte van de abdij van Ename wordt "terra Achardi" vermeld, in 1185.
De derde mansus, deze gelegen nabij hairoke is waarschijnlijk de oudste vermelding van het toponiem roke te Flobecq.
Er zijn twee mogelijke verklaringen voor de verklaring van de benaming hair(r)oke :
Volgens L. Van Durme, die hairoke bespreekt in zijn "Galloromaniae Neerlandicae submersae fragmenta", kan de ethymologische oorsprong van dit toponiem te verklaren zijn uit het Germaanse *haru, wat heuvelrug betekent, gekoppeld aan de latere toevoeging van het Romaanse woordje roke, wat zoals wij weten steengroeve betekent.
Bovendien weten wij ook dat de roke in het zuidwesten van Flobecq zich inderdaad boven op een heuvelrug bevond (en bevindt).
Uit de tekst in de Veil Rentier uit 1275 blijkt dat er te Flobecq, en wel grenzend aan het bos de le Roke een plaatsnaam Haiercourt was, de curtis van Haier.
Ook heden ten dage zijn er in Frankrijk nog een viertal plaatsen met de naam Héricourt.
Het is dus zeker niet onmogelijk dat het eerste deel van de plaatsnaam hair(r)oke verwijst naar een voornaam, en dat dit toponiem dus ook zou kunnen geïnterpreteerd worden als de roke van Haier of de steengroeve van Haia.
Anderzszijds zou Haircourt misschien ook een combinatie kunnen zijn van het Germaanse kernwoord *haru met het later toegevoegde Romaanse woordje court, en dus de verblijfplaats op de heuvelrug zou kunnen betekenen...
Met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid bevond de masure de le Roke die rond 1275 in de Veil Rentier werd vermeld, en waar de familie de le Roke woonde, zich op dezelfde plaats als de in 1177 en 1195 vermelde mansus nabij hair(r)oke.
We beschouwen deze twee vermeldingen van de mansus nabij hair(r)oke dan ook als de oudste vondsten met betrekking tot de oorsprong en de betekenis van de familienaam de le Roke, en dus ook van de daarvan afgeleide familienamen de le Rocque, Deleroche, Delerock, Delrocq, de Rocque, van de roke, van Roocke, Verroken, Verhoeken en Verhoeke.
klik hier om naar het begin van dit document te gaan