~:§:~
Op deze pagina vindt u de bespreking van de belangrijkste en meest markante nakomelingen van Jan van Roocke, de derde zoon van Marcus vander roecke.
Alle personen die tot deze Warmondse tak behoren kunt u herkennen aan de letter "W" net na het Romeins cijfer in hun generatienummer.
U vindt ze allemaal in de genealogische tabel van de Warmondse tak, en u kunt hier klikken voor een schematisch overzicht van de Warmondse tak van de familie van Roocke.
Jan van Roocke, de derde zoon van Marick van de Roecke ondertrouwde op 31 december 1614 te Leiden met Marijtje Jans.
Jan was lakenwerker, en zijn getuige was Bartholomees van Roocke, zijn broeder.
![]() |
In het boek der “uitgaande lidmaten” waarin de personen werden opgetekend die Leiden verlieten, staan Jan Marcus en zijn "huisvrouw", die “hebben gewoont op de Uyterste Gracht”.
Zij verlieten Leiden op 30 mei 1621.
![]() |
In de Warmondse kohieren van het hoofdgeld in 1622 staat volgend gezin vermeld :
Jan Marcusz met zijn huysvrou Maritgen Jans en kinderen Geertgen, Grietgen, Maritgen en Marcus.Jan Marcusz van Roocken moet vóór 1647 overleden zijn, want Maertje Jans, weduwe van Jan Marcusz is op 29 juli 1647 herondertrouwd te Warmond met Feyd Gerritsz, weduwenaar van (een andere) Maertje Jans.
Het “betooch” van dit huwelijk volgde te Leiden op 11 augustus 1647.
In de wezenboeken van Leiden werd in mei 1665 een zeer interessante acte genoteerd, waarbij de voogdij geregeld werd over de minderjarige erfgenamen-wezen van Gerrit Jansz Pootman.
Gerrit Jansz Pootman was wellicht de kinderloos overleden broer van Marijtje Jans.
Gijsbert Verbrugge, droogscheerder, neeff, en Abraham de Praam, saaijwerker, gebede vrindt, werden aangesteld als voogden over Thonis (18 jaar), Frans (13 jaar) en Jannetje (20 jaar), de nagelaten weeskinderen van Leonard Adriaansz van Loenen en Grietje Jansdr.
... over Thonis (16 jaar) en Clara (13 jaar), de nagelaten weeskinderen van Thonis Florisz en Geertruijd Jansdr.
... over Maria (18 jaar), nagelaten weeskint van Jan Jansz van Roocken, gewonnen bij Jacomijntje Joorisdr, als mede-erfgenaam van Gerrit Jansz Pootman, haar oudoom.
Zodat we als kinderen van Jan Marcusz van Roocken en Maertje Jans vinden :
Grietgen Jansdr, Geertruijd Jansdr, Marcus Jansz, Maertge Jans van Roocken en Jan Jansz van Roocken.
U vindt ze allen met hun nakomelingen terug in de genealogische tabel van de Warmondse tak.
           Marcus Jansz werd gedoopt te Warmond op 28 november 1621, als zoon van Jan Marcusz en Maertge Jans, op dezelfde dag als Maertge en was dus wellicht de tweelingbroer van Maertge.
![]() |
Op 16 januari 1639 was Marcus Jansz doopgetuige bij de geboorte van Floris Thonisz, het tweede kindje van zijn zus Geertruijd Jansdr.
Hoewel Marcus zeker de zoon is van Jan van Roocken, vonden we hem enkel terug onder de naam Marcus Jansz.
Het feit dat hij zich enkel identificeerde met een patronym, kan erop wijzen dat dit gezin reeds zeer goed ingeburgerd was in de Zuidhollandse samenleving, waarvan het ook deze gewoonte had aangenomen.
Misschien heeft deze Marcus nog (veel) nazaten gehad, die zich enkel met een patronym identificeerden ...
Zo huwde bij voorbeeld ene Marcus Marcusz, drapier uit Leiden, aldaar wonend in de Cleystraet op 2 april 1661 met Jannetge Pieters, eveneens wonend in de Cleystraet.
De getuige van de bruid was haar moeder Lidia Pieters, wonend in de Cleystraet en de getuige van de bruidegom was zijn vader Marcus Jansz, wonend in de Armstraet te Leiden...
Wat later vinden we op 19 juni 1667 in het doopregister van de Nederlands Hervormde Marekerk in Leiden de registratie van de doop van Marcus, zoontje van Jan Marcusz en Catharina Apelsz. De eerste doopgetuige heette Marcus Marcusz ...
Zijn de onmiskenbaar traditionele manier van naamgeving in de familie van Roocke en het samen voorkomen van een zoon Marcus Marcusz en een vader Marcus Jansz of een zoon Marcus met een vader Jan Marcusz en een peter Marcus Marcusz voldoende om te besluiten dat deze heren tot de familie van Roocke behoorden?
Via genea Rijnland en de heer P.W.C. van Kessel, vinden we in het trouwboek van Hazerswoude, van 1670 tot 1700 :
Met attestatie op Hooghmade, huwden op 30 augustus 1676 Salomon Jansz Preut, weduwenaar van Maartie Jans van Rooken, van Hazerswoude, en Annitie Jacobs van der Vis, weduwe van Jacob Ariensz Doef, van Hazerswoude.
Jacob Ariens Doef was overleden op 17 augustus 1673 in Hazerswoude.
In de impost op het hoofdgeld van Hazerswoude, opgemaakt in 1623 staat Jan Henricxz Preuijt en Pietertgen zijn huijsvrouw, met Salomon, Maritgen, Machtelt en Hester heure kinderen.
In de klapper op Achternaam van het Doodboek van Hazerswoude, 1652 t/m 1693 (ARA #7), staat dat het overlijden van Maartje Jans van Rooken werd genoteerd op folio 36 in het originele boek.
Op 25 januari 1674 overleed Maartje Jans als echtgenote van Salomon Jansz Preuijt
Salomon Jansz Preijt en Maertie Jans van Rooken hadden als kinderen : Dirck, Pietertjen, Geertie, Hester, Henrick en Huijbert.
Salomon Preuijt had in zijn tweede huwelijk met Annietje van der Vis nog twee dochters : Marijtie en Neeltie.
Getuige bij de doop van Marijtje was Geertie Salomons.
Salomon Jansz Preijt is overleden in Hazerswoude op 5 december 1680.
Te Gent, op 13 augustus 1526 werd Jan de Preut, smid-ketelmaker uit Vlaanderen verbannen wegens heresie.
In 1561 woonde hij in London en was er cacabarius senex van de Nederduitsche vluchtelingengemeenschap.
Hij was oom van de uit Ronse afkomstige drukker Bartholomeus Huusman (zie de zeereis van de vluchtende Nederduitse gemeente van London via Denemarken en Noord-Duitsland naar Emden in 1554, waar ook ene Willom van Ruok aan deelnam)
Zijn zoon Geert de Pruet werd in 1563 verbannen, en zijn goederen werden geconfisceerd.
Hij vertoefde in 1551 reeds in London.
Jan de Pruet fs was in 1556 in Emden, en in 1561 woonde hij in London.
Adriaan de Pruet uit Ronse was in 1560 in Emden.
Op 23 februari 1574 huwde Antheunis de Preut, van Ronse met Abigael de Vriendt uit Vriesland in de Nederduitse vluchtelingenkerk van London.
Op 27 maart 1593 huwde daar Peter Frement van Ipre met Levine de Pruet van Ronce.
In de kwartierstaten van Thomas en Daniël Gase, Frans Angevaare en Ima Keeminck vinden we Maertie Jans van Roocken , geboren in Warmond op 7 juni 1648 als dochter van Jan Jansz van Roocken en Jacomijntje Jooris.
In de Warmondse trouwboek staat de ondertrouw van Jan Jansz en Jacomyna Joris genoteerd op 29 december 1646.
Het betooch van dit huwelijk volgde op 16 januari 1647 te Leiden.
Jan Jansz van Roocken is overleden vóór 1654, want Jacomyntje Joris, weduwe van Jan Jansz is op 12 juli 1654 te Warmond herondertrouwd met Leendert Cornelisz.
Het betooch van dit huwelijk volgde op 2 augustus 1654 te Rijnsburg.
Jacomijntje had met hem een dochter Grietge Leenders, gedoopt te Warmond op 15 november 1654, gevolgd door Marijtje gedoopt op 18 augustus 1658 en Cornelis, gedoopt op 27 maart 1661.
Maertge Jans van Roocken huwde op 26 mei 1675 te Warmond met Gerrit Dammisz van Klaveren, geboren te Warmond op 12 januari 1648.
Het paar had als kinderen : Jannetje, Jannetje, Jan, Pieter, Cornelis, Gijsbert en Gijsbert.
Bij de doop van Jan, Pieter, Cornelis, Gijsbert en Gijsbert was Grietge Leenders, de halfzus van Maertge telkens getuige.
Bij de doop van Jannetje op 6 augustus 1878 te Warmond, was Jacomijntje Joris getuige.
Jannetje van Klaveren huwde op 26 mei 1675 met Matthijs van Egmond.
Jannetje en Matthijs zijn nrs 319 en 318 in de
kwartierstaat van Frans Angevaare.
Frans bracht ons veel gegevens aan die in deze genealogie werden verwerkt.
~:§:~
Door het vroegtijdig overlijden van Jan Jansz van Roocken lijkt ook hier de naam van Roocken uit te sterven bij gebrek aan mannelijke naamdragers.
~:§:~